Het geld van de rijken
De balansen van centrale banken zwellen al enkele decennia aan maar we hebben pas enkele jaren te maken met een hogere inflatie.
Dat valt te verklaren met het Cantillon Effect.
Al dat vers geld kwam in het verleden vooral terecht bij de rijken. Bij de 1%.
Sinds Nixon de link tussen de dollar en goud doorknipte en er geen rem meer stond op de stijging van de geldhoeveelheid, zijn het vooral de rijkeren die een steeds groter deel van de koek naar zich toe wisten te trekken.
De rijkeren konden makkelijk goedkoop geld lenen en kochten steeds meer vastgoed en aandelen.
Waar je in de jaren ‘70 nog een huis kocht met het inkomen van 2,5 jaar arbeid, moet je er vandaag al 7 jaar voor zwoegen.
Het reëel inkomen van de gewone burger stijgt al enkele decennia niet meer. De productiviteitswinsten belanden volledig in de zakken van de aandeelhouders.

Als al dat extra geld dat in omloop komt vooral terecht komt bij de 1%, krijgen we natuurlijk geen al te hoge inflatie. Je kan maar één biefstuk per dag eten, nietwaar?
De 1% gaat die extra centen dus niet consumeren, maar investeren. Wat meer vastgoed, wat meer aandelen en misschien nog een handtas van Louis Vuitton om de vrouw des huizes tevreden te houden.
De inflatie beperkte zich dus tot de activaprijzen maar sijpelde niet door in de consumentenprijzen.
Tijdens Covid zagen we wat er gebeurt wanneer het geld niet meer exclusief terechtkomt bij de 1%, maar verdeeld wordt over de bredere bevolking.
Iedereen kreeg een zak geld waardoor de consumptie een enorme boost kreeg. Al dat geld vond nu wel zijn weg naar de reële economie waardoor de consumptieprijzen als een raket de hoogte ingingen.
Eens dat geld gespendeerd werd, viel de vraag weer terug waardoor ook de inflatie kon milderen.
Het is een beetje ironisch om te zeggen, maar zolang het geld vooral bij de rijkeren zit, blijft de inflatie relatief laag en stijgen de activaprijzen.
Maar overheden hebben een steeds grotere geldhonger en willen het geld “halen waar het zit” en vermogens steeds harder gaan belasten.
Op die manier verschuift een deel van dat vermogen naar de overheid en belandt het dus wél in de reële economie. Meer inflatie met andere woorden.
En als je vermogens extra wil gaan belasten, zullen rijkeren hun gedrag beginnen aanpassen. Ze gaan denken: “Laten we maar wat meer van ons geld uitgeven vooraleer de overheid de centen komt halen.”
Op deze manier gaat het geld van de rijkeren dus wél in de economie terechtkomen en de inflatie aanjagen.
Wat denk je nu dat er gebeurt met de goud- en zilverprijzen wanneer de rijken een groter deel van hun vermogen in edelmetaal stoppen? Slechts 2% heeft meer dan 5% van het vermogen gealloceerd naar edelmetaal.